Eindejaars evaluatie: werken of zeilen?

En, poef, dan ben je zo weer een heel jaar verder. We hebben in 2024 weer een hybride jaar gehad met werken én zeilen. Wat het zeilen betreft – we hebben in juni 3 weken vanuit Preveza getoerd op de Ionische zee en 5 weken in september/1e week oktober om de boot van Preveza via de zuidkust van Sicilië terug te brengen naar Carloforte bij Sardinië. Het grootste deel van het jaar is opgegaan aan het bekende terrein van werk – voor Rob – en aan trainen – Saskia. Want ook de beperktere tijd op de boot heeft ons geleerd dat áls we onze droom om de Atlantische oceaan over te steken naar de Caraïbische eilanden werkelijkheid willen laten worden, we de concrete voorwaarden moeten creëren.

En wat zijn die voorwaarden om de Atlantische Oceaan over te steken dan? Nou het begint met een tochtplanning. Een belangrijke vraag bij een Atlantische oversteek is ’to ARC or not to ARC’. In de jaarlijkse Atlantic Rally for Cruisers (ARC) doe je de oversteek met een groep boten en is er van alles georganiseerd, zoals vertrek- en aankomstfeesten en gereserveerde plaatsen in havens. Het is een geruststellende gedachte dat hulp, als dat nodig is, niet al te ver weg is. Om mee te doen aan de ARC zijn er wel eisen op het gebied van veiligheid. We voldoen al aan veel, maar de puntjes mogen wel op de i, vooral ook met het oog op de aanwezigheid van bemanning.

Want dat is wel een conclusie die we hebben getrokken in het laatste jaar. We kunnen en willen de oversteek niet met zijn tweeën doen. Drie weken aan één stuk door zeilen op de oceaan is met wachtlopen en taakverdeling voor ons te zwaar en daarmee niet verantwoord. Omdat het vertrek van de ARC van Las Palmas bekend is – uiterlijk 17 december 2025 op Las Palmas – is daarmee ook direct een flink stuk van de tochtplanning bepaald. Dat betekent dat de boot in juni 2025 eerst van Sardinië via de Balearen naar het zuiden van Spanje gaat. We slaan de heetste en drukste zomermaanden weer over en starten in oktober met de tochten van het zuiden van Spanje naar de zuidpunt van Portugal en dan de oversteek van Portugal naar de Canarische eilanden met Las Palmas.

Ook nu weer is het spannend hoe en of onze werkelijkheden zich plooien naar deze plannen. De oude moeders en hun gezondheid, familie en vrienden, werken en maatschappelijke bijdrages. Want natuurlijk gaat het leven ondanks of dankzij de plannen gewoon door. We zullen de komende maanden in aanloop naar de grote sprong weer wat vaker een update geven.

Onderbreken reis Westwind

We waren ons bij vertrek van Nederland naar Sardinië voor de voorbereiding van onze zeiltocht met Westwind over de Middellandse zee bewust dat de belangrijkste kwetsbaarheden van ons plan het welvaren en de gezondheid van naasten in Nederland en van onszelf zouden zijn.


Met zeezeilen ben je ver weg, als je een overtocht maakt, kan het dagen duren voordat je aan land bent, laat staan dat je bij een haven bent waar je de boot veilig kunt achterlaten. Voordat je de boot kunt achterlaten, moet alles weer schoon en opgeruimd, ontkoppeld en onder hoezen en dekjes. En dan nog transfer naar een vliegveld, enz. enz. Je bent zo 4-5 dagen verder.

Helaas is de gezondheidssituatie van één van onze naasten, de moeder van Rob, plotseling verslechterd, zodat we de keuze maken om de Westwind nu, begin juni, in de vertrouwde haven van Carloforte op Sardinië achter te laten. Het voelt niet goed om zo ver weg te zijn en om geen ondersteuning aan familie ter plaatse te kunnen geven. We vliegen zaterdag 3 juni van Cagliari terug naar Amsterdam. We weten niet wanneer en of we onze oorspronkelijke plannen weer kunnen oppikken. De updates van deze website beginnen weer als die situatie van onzekerheid, maar ook van kansen, zich wijzigt als wij de reis weer kunnen voortzetten.

Dank voor jullie belangstelling, we hebben niet alleen van de reis, maar ook van alle reacties en steun genoten.

Rob en Saskia

Sticky – vertrekken en thuiskomen

We hebben we er al weer bijna 100 dagen opzitten na het stoppen met werken en het starten met zeilen. Dat eerste is gelukt. Het tweede gaat – onder voorbehoud van de aller-, allerlaatste reparatie aan de boot – vanmiddag 24 mei beginnen. In de laatste 3 weken hebben we de boot nagekeken van het topje van de mast tot in de dieptes van de bilge. We hebben alle verouderde en overbodige zaken verwijderd en de hele boot opnieuw ingericht om zonder twijfel zeewaardig te zijn.


Na bijna 2 maanden in Arbatax op Sardinië te zijn geweest, wordt het steeds moeilijker om weg te gaan. Niet zo moeilijk als stoppen met werken en (parttime) vertrekken uit Nederland – daar hebben we bijna 3 jaar over gedaan – maar niet makkelijk. Waar je ook bent, je gaat verbindingen aan met mensen. Ook al zijn het maar kleine verbindingen, via steenkolen Italiaans en Google translate. Je gaat een stadje waarderen; de fijne ijsboer, de hardwerkende mensen bij de mini supermarkt, de jachthaven en als laatste, maar zeker niet het minste, de professionals van de werf. Het is de fase van de huwelijksreis, alles is nog leuk en de nadelen die er zijn – bizarre hoeveelheid feestdagen; openingstijden hoezo?; afspraken, oh ja – tikken nog niet al te zwaar aan.

Ook hier gaan we ons nu ontvlechten. We gaan Odysseus achterna en starten 25 mei met de overtocht naar Sicilië. Net als Odysseus doen we in 2023 eerst een echte thuisreis. We hebben besloten om in oktober terug te komen in Arbatax. De boot is nog niet klaar voor een Atlantische oversteek, waarbij je moet voldoen aan de richtlijnen van de zogenaamde Arc. We vertrouwen de Westwind in het najaar weer toe aan de mannen van Cantieri Mulas. Met geduld en beleid slingeren we in voor 2024.

Verhuizen en verbinden

Inmiddels wonen we sinds 12 mei 2023 een krappe week op de Westwind in de haven van Arbatax. De verschillen met alle vorige keren op de boot dringen zich op. We hebben geen haast. We kijken niet met een schuin oog naar de kalender, waarbij iedere klusdag ten koste gaat van een vaardag. Het lijkt niet meer op een vakantie, het lijkt op een verhuizing. En dat is het natuurlijk ook.
We verbouwen en huizen alles in met het oog op een (semi)permanent verblijf aan boord. In de afgelopen week heeft Rob alle antennes voor radio, GPS en Navtex opnieuw geplaatst en Starlink (de internetverbinding van Elon Musk) gemonteerd – inclusief het boren van een gat in de boot voor de kabel van de satellietschotel. Rob is nu bezig met het renoveren van de hut in de voorpiek. Alle oude vinylwandbekleding is er af en er komt nieuwe frisse bekleding voor in de plaats. Bij elke klus neemt onze bewondering voor vakmensen die dit werk dagelijks doen, toe. Wat is het toch moeilijk om alles in één keer goed te doen. En, extra hindernis, we hebben geen auto meer tot onze beschikking, dus even langs de bouwmarkt? Dat is morgen een wandeling van een uur heen en een uur terug.


De taakverdeling aan boord voltrekt zich weer langs traditionele lijnen. Saskia heeft de hele keuken nagelopen, schoongemaakt en opnieuw ingericht. Alle voorraden geborgen, de was gedaan, de achterhut en de badkamer ingericht. Nieuwe planken voor de keuken gelakt. Boodschappen gedaan en voedzame maaltijden gekookt. Biologische Pecorino gekocht van de Sardijnse handelaar op de stijger. En, we hebben samen gerommeld met de software van Starlink. Waardoor we via de sterren verbonden zijn met de wereld.
Volgende week woensdag 24 mei 2023 opent een weervenster van twee dagen. Eens kijken of we dan kunnen vertrekken naar nieuwe horizonten.

Westkust Sardinië: Bosa

Nadat we enkele weken in Arbatax hebben doorgebracht, starend naar de Westwind bij de werf, zijn we voor de laatste dagen nog even op stap gegaan. 5 mei 2023 pakken we in de avond de nachtboot naar Toulon in Frankrijk. We zijn enkele dagen in Bosa gestopt, een havenstad aan de westkust van Sardinië. Bosa is een prachtig stadje, met een labyrintisch historisch centrum vooral uit de 18de en 19e eeuw. Bewonderenswaardig is de vaardigheid van Italianen om in de steilste straatjes kleine Fiatjes te racen en deze in de smalste stegen en pleintjes te parkeren. De huizen in het historisch centrum liggen op de heuvel, aan de rivier de Temo. Bovenop de heuvel ligt een in de 12de eeuw gestart enorm fort. Volgens gangbare geschiedenisbronnen is Bosa in de 12de eeuw aan de Toscaanse familie Malaspina geschonken door de toenmalige Paus voor inzet tijdens een kruisvaart. Welke kruisvaart? Nou, de kruisvaart tegen piraten in de buurt van Sardinië. Waar kwamen deze piraten vandaan? Volgens niet-Sardijnse bronnen, was dit Sardinië zelf, waarvan de volledige kerstening tot in de 17de eeuw duurde. De Sardijnse bronnen laten de herkomst van de piraten onbenoemd. In het fort staat een klein kerkje met prachtige fresco’s uit het midden van de 14de eeuw. Op deze foto zie je een belangrijk thema uit de tijd, een memento mori of denk aan de dood. Prachtig geklede prinsen of koningen worden door een Franciscaner monnik gewezen op 3 lijken in stadia van ontbinding. Denk eraan, dit is ook jullie lot.

De huizen van historisch Bosa zijn in alle kleuren van de regenboog geschilderd en dit zorgt voor het bijzondere hedendaagse fenomeen van de Instagram-toerist. De potentie voor schilderachtige plaatjes wordt ook als zodanig benadrukt in gidsen en aanbevelingen. Ondertussen is deze schilderachtigheid in toenemende mate een buitenkant. De bevolking, zo’n 8.000 mensen, krimpt gestaag. Veel huizen staan leeg en blijken vanwege achterstallig onderhoud en verouderde voorzieningen vrijwel onverkoopbaar. De werkeloosheid op Sardinië bedraagt zo’n 30%. Er is inmiddels al enkele generaties een braindrain gaande – Sardijnse jongeren met initiatief en ambitie verlaten Sardinië voor het Italiaanse vasteland, voor Europese landen of voor Amerika. De bevolking die blijft, is vergrijzend. De werkgelegenheid die er is, is voor bijna de helft in landbouw of landbouw gerelateerde activiteiten, daarna volgt het toerisme.


Bosa is een prachtige stad, met fijne restaurants en museum als tijdscapsule voor de glorietijd rond 1900, het museum Casa Deriu. Prachtige portretten van besnorde Sardijnen, geschilderd en in foto’s, kijken wat mistroostig naar de kruimelende plafondschilderingen. Neem daarna een glaasje van de beroemde lokale wijn Malvasia en eet er lekkere blokjes schapenkaas en olijven bij. Dit alles in de geruststellende wetenschap dat Bosa over 10 jaar waarschijnlijk hetzelfde is. Nog iets leger misschien.

Dekwerk

Uiteraard is het dek van een boot een belangrijk onderdeel. Je kunt erop lopen, en het houdt de elementen buiten. Als het goed is. Verder is het dek een belangrijk element in de structuur van een boot. Zonder dek (en kajuit) is de romp een slappe huls. Het dek maakt het tot een constructief geheel dat het schip haar stijfheid verleent. Dit overigens naast de versterkingen in de romp (spanten en stringers). Bijzonder aan Amels is dat het dek aan de romp is vast gelamineerd met glasvezel en polyester. Dat maakt de verbinding bovengemiddeld sterk. Vaak worden dek en romp verbonden met kit en bouten. Dat kan ook, maar is minder sterk.


Het dek van Westwind wijkt af van andere Amels uit die jaren, doordat er geen imitatie teak op is aangebracht. Dat zie je tegenwoordig vaker op schepen, maar in de jaren tachtig en negentig was het bijzonder. Het fenomeen van een teakdek is hoe dan ook apart. Op een houten schip is het niet onlogisch: het is duurzaam (teak rot niet, want is ongevoelig voor schimmels), en je moet het dek toch ergens mee dicht maken. Maar op een stalen, aluminium of polyester schip is het eigenlijk een anachronisme. Een schip is eigenlijk beter zonder teak. Teak is niet nodig om een ander dek water dicht te maken, antislip kan je eenvoudig op een andere manier bereiken, het schip is lichter, minder warm (een teakdek wordt in de zon echt behoorlijk heet onder de voeten) en je bespaart een hoop ontbossing. Zeker een schip met een 20 jaar oud teakdek is een probleem: dan moet het vervangen worden, en alle gaten die in het eigenlijke dek zitten moeten worden gedicht. En dan moet je maar hopen dat eronder zich geen corrosie bevindt of vocht in de kern van het polyester dek.

Dat laatste hebben we op onze Nicholson 43 helaas aan de hand gehad: het kernmateriaal (balsa) was na 40 jaar helaas veranderd in turfmolm. Dus de beslissing genomen het teak, de toplaag van het dek en het kernmateriaal te verwijderen en een nieuw dek te construeren. Kostbaar, maar anders kan je je boot gewoon afdanken. Gek genoeg, toen we Winsome later verkochten, wilde een potentiële koper er weer teak op opleggen (en de kosten daarvan in mindering brengen op het uit te brengen bod). Bizar natuurlijk.

Maar goed, Westwind heeft geen teak, zelfs geen imitatieteak (wat dan weer bijzonder is voor een Amel). Ik vind dat niet erg eigenlijk. Wel is het dek al eerder een keer geschilderd, en wel in Tunesie in 2011. Toen we Westwind kochten begon op een enkel plekje de antislipverf los te komen. Dat proces bleek onomkeerbaar en begon zich zelf te versnellen. Ook ontstonden er haarscheurtjes in de overgang van horizontale naar verticale vlakken. Dat wordt in de loop van de tijd ook niet beter en leidt potentieel tot inwerking van vocht in het polyester dek. Het zag er ook niet uit trouwens. Dus na zelf wat pogingen ondernomen te hebben nu dan maar de klus laten aanpakken. Ik heb dat zelf een keer eerder gedaan bij een behoorlijk kleiner schip. Dat kan wel, maar is erg veel werk, en daar heb je tijd voor nodig, en het is toch de vraag of het zelf echt goed krijgt. Zo’n boot moet ook weer keer verkocht worden tenslotte.

Dus nu is alle oude verf eraf geschuurd, zijn de haarscheuren in de hoeken aangepakt, en zijn de inmiddels niet echt doorzichtige ramen van de buiskap (en prominent onderdeel van onze Amel) aangepakt. Dat was veel werk. Voor zover ik dat heb kunnen zien ongeveer 10 dagen schuurwerk  voor drie man. Na het schuren komt de primer, dan het plamuren, dan opnieuw schuren, dan de witte lak, en vervolgens de antislipverf. Alles bij elkaar 50 tot 60 mandagen. Wat ik wel mooi vond om mee te maken (we hebben er twee weken van meegemaakt) is de instelling van de mannen van Cantieri Mulas in Arbatax op Sardinië die eraan werkten, met name degene die het schilderwerk voor zijn rekening nam. Kort samengevat: als je het doet, doe het dan goed. Met oog voor detail en trots op het resultaat.

Het resultaat is dus prima, en het verschil is verbluffend. Nu hadden we de kuip niet mee laten nemen deze keer. Dus dat steekt een beetje af. Dat moet ik dan maar weer eens zelf aanpakken, maar deze klus heeft het nog niet tot de klussenlijst geschopt. Voorlopig eerst maar eens genieten van dit resultaat.

Planning en werkelijkheid


Inmiddels gaan we eind april 2023 alweer bijna onze 4de week in Arbatax in. In onze oorspronkelijke planning zouden we 2 of 3 dagen in een hotel zijn en zou de boot in de 2de week van april het water ingaan. Dan zouden wij 3 weken hebben om de boot vaarklaar te maken: bevoorraden, opruimen, schoonmaken, zeilen aanslaan. Dit zouden we kunnen doen met de auto onder handbereik – handig voor bevoorrading en het vinden van onderdelen of gereedschap dat blijkt te ontbreken. Strak plan. Op papier.

In de werkelijkheid worden klussen aan de boot gedaan door ZZPers, verbonden aan de werf in Arbatax. Vanuit de werf is er geen merkbare planning of aansturing. De werkers zijn hoog gespecialiseerd, buitengewoon goed in hun vak en zelfsturend. Ze zijn verder Sardijns, wat volgens Italiaanse interpretatie van eigenschappen betekent dat ze trots en eigengereid zijn – meer dan de gemiddelde Italiaan blijkbaar. Dit alles vraagt van ons maximale flexibiliteit. Enige vorm van sturing – pogingen om gezamenlijke planningen op te stellen, bonussen op versnelling en dergelijke – wordt snel een vorm van mentaal armpje druk, dat wij hoe dan ook verliezen. We leren in hoog tempo belangrijke Italiaanse woorden en begrippen, zoals forse (misschien), possibile (mogelijk) en puoi – o non puoi (dat kan – of niet). Het enige dat helpt is mateloze bewondering tonen voor de kwaliteit van het geleverde werk. En dat is niet moeilijk, want het werk is echt voortreffelijk.

Voor ons beiden is dit een flinke les. Wij zijn beiden gewend om processen in de werkelijkheid in theoretische modellen te gieten, waarbij vaak resultaten centraal staan – en niet de mensen die het werk doen. Onze Sardijnse werkers trekken zich geen bal aan van onze planningen en modellen. Zij doen wat zij goed en belangrijk vinden. Ze zijn trots op het eindproduct en voelen zich daar werkelijk eigenaar van. In hun eigen tijd, op hun eigen manier. Wij moeten nog even oefenen om onze plaats in dit proces te vinden. Zij helpen ons daarbij.

We hebben uiteindelijk de beslissing genomen om ons aanvankelijke plan volledig te schrappen. De boot gaat het water niet in voor 12 mei. Wij geven het afronden van de werkzaamheden alle benodigde ruimte. 5 mei vertrekken we weer naar Nederland om de auto terug te rijden en 12 mei vliegen we met een enkeltje naar Sardinië. Het vaarklaar maken van de boot kan hopelijk de 2de helft van mei. En het vertrek zal dan rond 1 juni worden. Puoi – o non puoi.  

De verhistory channeling van de archeologie

Ik weet de eerste keer dat ik naar een programma over archeologie op History Channel keek nog goed. Ik was helemaal verheugd, eindelijk aandacht voor archeologie en geschiedenis. En dan ook nog voor opgravingen in India, dus niet-Westerse archeologie. Het begon prima, met een overzicht van de vondsten en veronderstellingen over datering. Dan volgde de gebruikelijke verwondering over hoe ‘ze’ in het verleden toch zulke grote stenen, bouwwerken of ingewikkelde technologie hadden kunnen gebruiken. En toen kwam er voor mij een hele verrassende afslag, namelijk dat de verklaring daarvoor moest zijn dat er buitenaardse wezens waren die daar de hand in hebben gehad. De beste debunk van History Channel is van Keith Fitzpatrick en inmiddels ook al weer uit 2011.

Op zich is deze fantasierijke speculatie niet nieuw. De Zwitserse fraudeur en oplichter Erich von Däniken heeft zijn in de gevangenis geschreven boek Waren de goden kosmonauten? gepubliceerd in 1968. Von Dänikens verzinsels zijn sindsdien de populaire cultuur ingesijpeld via films en via steeds meer publicaties en beschrijvingen. In de laatste decennia heeft dat met de sociale media en met name met YouTube een ongekende vlucht genomen.

In de wetenschap kennen we een principe, het scheermes van Ockham. Dit principe, vernoemd naar de Fransiscaner monnik Willem van Ockham van de eerste helft 14de eeuw, wordt al sinds de Griekse oudheid beproefd. Kort samengevat bepaalt het principe dat de theorie die de minste veronderstellingen of aannames bevat, waarschijnlijk klopt en zeker beter klopt dan een theorie die onwaarschijnlijke ingewikkeldheden vraagt.

Dat dit hygiënische principe niet meer altijd in de archeologie wordt toegepast, is te merken aan een groeiende behoefte om elementen van bouwwerken en met name oriëntatie te verklaren door een verbinding met een sterrenstelsel. Het is natuurlijk gestart bij Erich van Däniken, want die kosmonautische goden kwamen ergens vandaan – het Orion stelsel of Alpha Centauri, of een willekeurige andere plek uit de kosmos. En dus moest de oriëntatie van de Pyramides of van tempels daar wel aan te koppelen zijn. We weten uit de wetenschappelijke archeologie dat heel veel rituele en religieuze gebouwen oriëntatie kennen, zoals oost-west assen of een oriëntatie op zonnewende punten. Dit correspondeert met religieuze praktijken van zonne- en maangoden, die uitgebreid beschreven worden in historische bronnen, zoals hiëroglyfen. Ondertussen is er geen enkele bron in al die hiëroglyfen of spijkerschrift tabletten of Herodotus die iets vergelijkbaars zegt over sterren.

Deze populaire speculaties leiden wel tot nieuwe aandacht voor de oriëntatie van gebouwen uit de oudheid. Zo hebben in 2002 Juan Belmonte en Mauro Zedda de ingangsoriëntatie van 272 eenvoudige Nuraghes en van 180 complexe centrale torens op Sardinië opgemeten. Die gegevens laten oriëntaties zien op de zonsopgang tijdens de winterzonnewende en op de maan op de meest zuidelijke opkomende positie. De meest voorkomende declinaties zijn ongeveer −43° voor de oudste Nuraghes, verschuivend naar -45/12° voor de latere. Zedda heeft gesuggereerd dat het doelwit waarschijnlijk een ster is, heel waarschijnlijk Alpha Centauri.  

Met het scheermes van Ockham in de hand – waarom Alpha Centauri? Waarom niet iets praktisch? De overheersende windrichting op Sardinië is noordwest in de winter en zuid in de zomer. 43-45 graden is zo’n beetje de enige hoek waarbij de wind gedurende het jaar niet direct naar binnen blaast. Iedereen die wel eens een tent heeft opgezet weet dat het geen goed idee is om de tentopening in de wind te zetten. Stof en ongedierte worden om je oren geblazen. Dit zullen ‘ze’ in de oudheid ongetwijfeld ook hebben ervaren.

Ik begrijp dat het speculeren over de verbinding van de mensheid met de kosmos een grotere aantrekkingskracht heeft dat onze prozaïsche dagelijkse praktijk. Toch lijkt het mij van groot belang om onze aandacht te richten op onszelf, op onze eigen geschiedenis en op onze eigen planeet. De vragen en uitdagingen die daar liggen, lijken mij van iets grotere urgentie dan frauduleus gespeculeer over buitenaardse wezens die onze beschaving gaan redden. Not.

Arbatax – de moeite van het omrijden waard?

Wat: Arbatax, havenstad aan de oostkust van Sardinië
Wanneer: voor- en naseizoen is toch het leukste.
Tip: Neem 2 of 3 dagen, dan kun je vanuit Arbatax een dagje met een bootje langs de kust, een uitstap maken naar het binnenland of een mooie wandeling maken. We gaan uit van een vakantie met een auto – neem als het kan een koelbox mee.

Is Arbatax de moeite van het omrijden waard? Ja. Sardinië is een geweldig eiland, met beeldschone stranden en prachtige stadjes. In het noorden is er veel tourisme, met de daarbij horende drukte en prijzen. Als je een beetje van de gebaande paden afwijkt dan vier je vakantie met de Italianen, wat zo zijn eigen charmes heeft. Op Sardinië kunnen we twee plaatsen aanbevelen: Carloforte en Arbatax. Dit is het derde jaar dat we met de boot op Sardinië zijn, zodat we het eiland en deze havens wat beter hebben leren kennen.


Verblijf
Als je Arbatax voor de eerste keer bezoekt dan ben je misschien niet heel erg onder de indruk. Geen prachtige boulevard of dorpsplein. De geneugten van Arbatax zijn wat meer verborgen en daarom des te leuker om te leren kennen. Er is een ruime keuze in hotels, variërend van het prijswinnende Eco-resort Hotels Hotel Arbatax – Arbatax Park Resort & Spa – Officiële Website 6 hotels en villa’s in Sardinië, pal aan zee en zee en strand Hotel La Bitta Arbatax | Officiële site | Strandhotels Sardinië of het meer traditionele Hotel Arbatasar, Arbatax, Hotel 4 sterren in Ogliastra, Sardinië in de wijk bij de haven. Reserveer op tijd, Arbatax is populair bij motorrijders, vanwege de dichtbij gelegen routes in de bergen.

Wat kun je doen?
– Doe een dagtocht op het water langs de oogverblindende kust van Ogliastra. Je kunt een boot huren bij de jachthaven, dat kan met een schipper, maar je kunt ook zelf varen. Kijk hier voor een indruk van de prijzen. Zeker voor het hoofdseizoen is het aan te raden om van te voren te reserveren. Neem je badspullen, je zonnebrand en je koelbox met een fijne picknick mee.
– Een uitstap naar het bergachtige binnenland, bijvoorbeeld Orgosolo. Hierover binnenkort meer. Of naar Nuraghe Serbissi: Sardijns bouwwerk uit de Bronstijd – Sailing Westwind.
– Wandelen – er zijn verschillende wandelingen in de buurt: De 10 beste routes in Gulf of Orosei and Gennargentu National Park voor 2023 | AllTrails. Stevige schoenen, water, trui (voor als je de bergen in gaat) eten en hoed of pet.  


Eten
In het voor- en naseizoen is er minder keuze in restaurants dan in het hoogseizoen. En bij de meeste restaurants kun je prima een pizza of een pasta eten. Wij kunnen in ieder geval voor het diner de Osteria van Bepi da Guia aanbevelen, een moderne lichte keuken. Bepi maakt zijn eigen fantastische likeur voor bij de koffie, in het hoogseizoen zeker een tafeltje reserveren. En voor de lunch – helaas niet open in de avond en op maandag – OVER ONS – Cooperativa Pescatori Tortolì (pescatortoli.it) de coöperatie van de vissers van Arbatax aan de haven in een zalmroze geschilderd gebouw. Hier krijg je de allerlekkerste verse visgerechten die je zelf aanwijst en afhaalt in de zaak. Je kunt dan binnen of buiten aan lange tafels de buit van de dag opsmikkelen.
Sla voor tussendoor of toe de ijsboer naast de eerste toren bij de jachthaven niet over. Te lekker.

Archeologisch museum Cagliari: Nuraghe cultuur

Wat: Museo Archeologico Nazionale di Cagliari
Wanneer: Iedere dag open van 8:45 – 19:45 uur
Tip: De toiletten zijn buiten en openbaar, neem zelf wipes mee.

Om de Nuraghe cultuur beter te begrijpen, moet je naar het Archeologisch museum in Cagliari. Het is een museum met een prachtige collectie, die, zoals zoveel musea rond de Middellandse zee, geen chronologisch overzicht biedt, maar een presentatie per vindplaats. Als je chronologie gewend bent, is dat verwarrend. Wat helpt is om zelf een tijdlijn te tekenen en die bij je te hebben.
In het museum kun je de gebruiksvoorwerpen van de mensen van de Nuraghe cultuur zien. Allerlei schalen en bekers van klei en gereedschap van metaal en steen. Sardinië was in de oudheid al bekend als een vindplaats van zilver en koper. Er waren mijnen en er werd metaal bewerkt en verhandeld, ook naar andere gebieden rond de Middellandse Zee. In het museum kun je een groot aantal kleine bronzen beeldjes zien die gevonden zijn bij heilige plaatsen, meestal waterpunten en bronnen. Die beeldjes laten mensen zien van de Nuraghe cultuur, zoals hoofden van een clan, krijgers, vrouwen en dieren. Er zijn ook prachtige beeldjes van ranke schepen met boegen van gehoornde dieren.


En dan blijft de vraag naar het waarom van het bouwen van de enorme Nuraghes staan. Wat was de noodzaak om over heel Sardinië, tussen 1900 en 730 voor Christus 7.000, maar misschien wel 10.000 Nuraghes te bouwen? In de Kunstgeschiedenis – mijn achtergrond – gaan we vaak uit van een positief, humanistisch wereldbeeld. De mensheid streeft naar beter en naar schoonheid. Architectuur is een uiting van de kernvragen van een samenleving. Maar wat als die samenleving helemaal niet zo positief en humanistisch was? Jared Diamond geeft in zijn boek Guns, germs and steel een beschrijving van wat hij ziet als de archetypische menselijke samenleving. Dit zijn kleine clans van enkele tientallen mensen in Nieuw-Guinea. Zo’n clan leeft in een gebied samen met andere clans, waarbij zij via een ingewikkeld systeem van taboes en afspraken het onderlinge uitmoorden tot een minimum beperken. Als het om wat voor een reden dan ook met jouw clan net wat beter gaat, hoeft dat geen reden voor vreugde te zijn. Andere clans hebben dat snel in de gaten en komen in de verleiding om jouw overschot voor zichzelf te gaan halen. Samenwerking is noodzakelijk om vrouwen uit te wisselen en om ruilhandel te bedrijven. De Nuraghe cultuur wijst toch echt op een cultuur waarbij je je met jouw clan moest verdedigen tegen de buren. En die cultuur was in Sardinië springlevend tot in de 20ste eeuw. Over het dorpje Orgosolo, nu bekend om zijn muurschilderingen, werd in 1961 een film gemaakt over banditisme, waarbij regelmatig de onderlinge doodvonnissen op de deur van de kerk werden gespijkerd. Om de cultuur in Europa te begrijpen, zullen we ook de minder fraaie kanten van het verleden onder ogen moeten zien. Niet alles leidt automatisch tot beter en schoonheid.