Tot 2027: Westwind veilig op de kant

Na bijna zeven maanden onderweg te zijn geweest, is het mooi geweest: de boot staat op de kant. Volgens plan – en eerlijk gezegd ook precies op het juiste moment. We hebben het gevoel dat we het Caribisch gebied voorlopig wel gezien hebben. Vorig jaar hadden we via de app Navily al Spice Island Marine opgemerkt. Gelegen op de zuidpunt van Grenada, net onder de rand van ‘Hurricane Alley’, waar tussen juli en oktober de tropische stormen langs trekken. Omdat onze verzekering ‘named hurricanes’ niet dekt, is een veilige plek essentieel.

De eerste indruk van Spice Island is goed. De boot staat op een hurricane cradle en is met spanbanden verankerd, in de luwte van een grote loods. Dat geeft vertrouwen. Tegelijk merk je – zoals eigenlijk overal in de Carieb – dat je wordt gezien als inkomstenbron. Met veel Amerikaanse klanten zijn de prijzen stevig, en voor alles volgt een rekening die direct via de creditcard loopt. We verwachten dat we hier duurder uit zijn dan in de Middellandse Zee – en die is al niet goedkoop.


In de loop der jaren hebben we aardig wat ervaring opgedaan met het stallen van de boot. Goede herinneringen hebben we aan Carloforte op Sardinië, Cleopatra Marina in Preveza, Griekenland en Port Napoleon in Zuid-Frankrijk. Vooral in Preveza is het een geoliede machine, waar op drukke dagen elk half uur een schip het water in of uit gaat. Minstens zo belangrijk is de kwaliteit van het werk dat wordt uitgevoerd – zeker als je er zelf niet bij bent. Dat draagt direct bij aan onze gemoedsrust.

Daarom hebben we hier ook een caretaker ingeschakeld, die de boot regelmatig controleert, lucht en schoonmaakt. In dit klimaat – heet, vochtig en soms stevig winderig – is dat geen overbodige luxe. Schimmel ligt altijd op de loer. Ongedierte hebben we gelukkig niet aan boord, al hoor je daar genoeg verhalen over. Voor het achterlaten van de boot hebben we inmiddels een strak protocol. We nemen er de tijd voor, ook omdat het overdag binnen al snel 35 graden wordt. Dus klussen we vooral ’s ochtends en aan het eind van de middag. Alles gaat langs: voorraden worden uitgezocht en deels weggegeven, de boot wordt van voor tot achter schoongemaakt, inclusief toiletten en vuilwatertank. Anker en ketting worden gespoeld, motor en generator met zoet water doorgespoeld, olie ververst, bilge gereinigd en accu’s gecontroleerd. Leidingen worden leeggehaald, tanks gedroogd, de watermaker geconserveerd. Luiken krijgen hoezen, elektronica gaat naar binnen, losse zonnepanelen ook. Gas en elektra gaan uit.


We werken met een checklist – digitaal en in ons hoofd. Er is altijd wel iets dat we vergeten, maar nooit iets essentieels. Deze keer dacht Rob op het vliegveld in Trinidad ineens aan zijn horloge… totdat hij zich realiseerde dat hij dat juist bewust thuis had gelaten. Daarnaast is er een stevige werklijst. Veel doen we zelf, maar sommige dingen besteden we uit: een 500-uurs beurt voor de motor, een nieuw schroefaslager, antifouling en het in de was zetten van de romp. De genua gaat naar de zeilmaker en voor de voorstag komt er nieuw beslag, na het ontdekken van haarscheurtjes.

Een minder fijne ontdekking was de montage van de warmtewisselaar van de koeler/vriezer. Door een verkeerde aarding – aangesloten op de minpool in plaats van het galvanische systeem – is de kit aangetast door corrosie. Dat had, in het slechtste geval, tot een serieus lek kunnen leiden. Gelukkig op tijd ontdekt, maar het onderstreept een belangrijke les: controleer altijd het werk van anderen. Ook bij kritische onderdelen als verstaging en tuigage hoor je daar regelmatig minder goede verhalen over. Nice-to-haves hebben we dit keer laten liggen. Spice Island is daar minder op ingericht en het is kostbaar. De kombuis verdient aandacht, de cockpit kan een opfrisbeurt gebruiken en misschien moet de romp ooit geschilderd worden. Dat bewaren we voor later – mogelijk weer in Europa.

Over negen à tien maanden stappen we begin 2027 weer aan boord, voor de terugreis. Die willen we in kortere etappes doen, via bijvoorbeeld Bermuda en de Azoren. Niet meer maanden aaneengesloten weg, maar meer ruimte om echt te zeilen – want dat is uiteindelijk waar het om draait. En hopelijk weer met net zo’n fijne bemanning als tijdens de oversteek.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *